Screen & Intervene | SCIN

Draagbare technologie met biosensoren (slimme horloges, pleister, kleding) bieden unieke mogelijkheden om cliënten te ondersteunen om hun fysieke en mentale gezondheid te verbeteren. Onderzoek naar neurobiologische veranderingen tijdens interventies draagt bij aan de ontwikkeling van een uitgebreid bio psychosociaal model voor het voorspellen van behandelresultaten. Door biosensoren te integreren in de behandeling sluit deze beter aan bij de individuele cliënt.

Biosensoren worden nu nog niet breed gebruikt in de dagelijkse zorgpraktijk. Wij zetten ons in om deze techniek op een zinvolle manier in het bestaande behandelaanbod en HRM-beleid te integreren. In vervolg op het project 'Biosensoren voor iedereen' (BVI), een implementatieproject van biosensoren in het dagelijks gebruik door begeleiders en cliënten, gaat De Borg zich vanaf 2022 richten op vier onderzoeken:

  • Wearables in Practice (WIP): integratie biosensoren in behandelaanbod (pilot GoA), integratie biosensoren in HRM-beleid (pilot Sense) en een nieuw onderzoek naar gepersonaliseerde muziek afspeellijsten voor cliënten (X-system);
  • Screen & Intervene (SCIN): meerjaren onderzoek en ontwikkeling van een klinisch beslisinstrument om interventies in de forensische praktijk beter af te stemmen op individuele behoeften en ontwikkelingsperspectieven van de cliënt.

Op deze pagina wordt het SCIN-onderzoek kort beschreven en wordt de stand van zaken weergegeven. Voor de WIP-onderzoeken is een aparte pagina aangemaakt op deze website.

Screen & Intervene | SCIN

Forensische behandelinstellingen richten zich op het diagnosticeren, voorspellen, behandelen en verkleinen van de kans op recidive van delinquenten. Niet alle delinquenten profiteren voldoende van de huidige interventieprogramma's. Behandeling en risicobeoordeling zijn onvoldoende afgestemd op de specifieke individuele ontwikkelingsproblemen en -stoornissen. 

Het leidende bio psychosociale model heeft tot doel de ontwikkeling en persistentie van antisociaal en delinquent gedrag te verklaren vanuit een interactie tussen psychologische, omgevings-, neurocognitieve en neurobiologische factoren. Neurobiologische en neurocognitieve ontwikkeling spelen een centrale rol bij de ontwikkeling van ernstig en aanhoudend delinquent gedrag. Daarom kunnen neurobiologie en neurocognitie een veelbelovende nieuwe benadering bieden als aanvulling op beoordeling en behandeling in de forensische klinische praktijk. Fundamentele kennis over individuele bio psychosociale ontwikkelingsprofielen, hoe forensische behandeling de neurobiologische ontwikkeling beïnvloedt en hoe veranderingen in neurobiologie zich verhouden tot behandelresultaten, ontbreekt momenteel echter.

In het SCIN-onderzoek worden neurofysiologische, neuro-endocrinologische en neurocognitieve metingen gecombineerd met standaard psychosociale metingen in de klinische praktijk van forensische instellingen. De resulterende gegevens over neurobiologische veranderingen tijdens interventies zullen de basis vormen voor de ontwikkeling van een uitgebreid bio psychosociaal model voor het voorspellen van behandelresultaten. Op basis van het nieuwe model zal een klinisch beslisinstrument worden ontwikkeld om interventies in de forensische praktijk beter af te stemmen op individuele behoeften en ontwikkelingsperspectieven, wat resulteert in een veiligere samenleving met gezondere volwassenen.

Waar staan we nu

Voor het SCIN-onderzoek is subsidie toegekend door de Nationale Wetenschapsagenda (NWA). Verschillende partijen zijn hiervoor een samenwerking aangegaan, zoals het Amsterdam UMC-VUmc, de Radboud Universiteit, het NIFP en verschillende zorgorganisaties. Ook De Borg-instellingen zijn hierbij aangesloten. Voor meer informatie over dit onderzoek wordt een speciale pagina aangemaakt op de website van het Amsterdam UMC-VUmc. Zodra dit is gerealiseerd zal hier een link naar worden toegevoegd.

Status

Projectperiode: september 2022 - maart 2029